Het belang van het fiscale boeterecht wordt alleen maar groter doordat de laatste jaren het aantal beboetbare feiten flink is uitgebreid en een aantal boetemaxima fors is verhoogd.
Bestuurlijke boeten in het belastingrecht beschrijft en becommentarieert de geldende materiële en formele regelgeving. Daarbij wordt ruimschoots aandacht gegeven aan de jurisprudentie van de Nederlandse belastingrechter en het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Aan het Nederlands strafrecht en strafrechtelijke begrippen wordt aandacht besteed voor zover dat voor de bestudering van de bestuurlijke boeten noodzakelijk is.
Voor een duidelijk en helder over- en inzicht zijn de kernoverwegingen uit de relevante rechterlijke beslissingen integraal in de tekst opgenomen.
Het opleggen van bestuurlijke boeten bevindt zich op het raakvlak van bestuursrecht en strafrecht. Een bestuursorgaan (de inspecteur) legt de boeten op, maar bij geschillen beslist een bestuursrechter (de belastingrechter). In de loop der tijd is het besef gegroeid dat desalniettemin sprake is van strafvervolging in de zin van de mensenrechtenverdragen.
Aanvullende informatie
Over de auteur:
mr.drs. F.J.P.M. Haas, geboren in 1959, is vice-president van het gerechtshof te Amsterdam. Eerder was hij onder
meer werkzaam aan de Rijksuniversiteit Groningen en in de belastingadviespraktijk. Hij studeerde fiscale economie en fiscaal recht aan de Rijksuniversiteit Groningen en straf- en strafprocesrecht aan de Katholieke Universiteit van Nijmegen.